Zelden heb ik een iconisch vastgoedobject als de Markthal Rotterdam zo snel zien afglijden van een toeristische trekpleister tot een naargeestig horecaplein waar de leegstand om zich heen grijpt.
Dit heb ik vorige week dinsdag zelf mogen constateren na een bezoek aan de Rotterdamse binnenstad. Op een bewolkte dag waren de ‘usual suspects’ als de Koopgoot, de Karel Doormanstraat, Coolsingel en de Lijnbaan gezellig druk te noemen. En dat terwijl de zomervakantie officieel nog niet eens is begonnen. Een bezoek aan de heerlijke boekhandel Donner in het voormalige ABN AMRO kantoor heb ik niet overgeslagen en sloeg wat nieuwe boeken in.
Hoe anders was het in de Markthal Rotterdam waar mijn bezoek aan Rotterdam eindigde. Gelijk bij de ingang via de Dominee Jan Scharpstraat valt mijn oog direct op de eerste lege plekken. Vierkante hokken waar de rafelige vloerbedekking, en achtergebleven wandplaten verwijzen naar de vroegere nering van weleer. Doorlopend naar de andere kant zie ik tientallen van die lege ruimtes. Die in het midden vallen direct in het oog maar de neergelaten rolluiken bij de plekken aan de zijkanten verraden dat ook daar maar weinig gebeurt. Het lijkt wel een beurs die na een geslaagde tentoonstelling weer rap wordt afgebouwd.
Uit de laatste mediaberichten wist ik dat het al langer niet goed ging, maar zo dramatisch slecht had ik het niet verwacht. Waar in slechtlopende winkelcentra lege winkelpanden nog worden gemaskeerd met vrolijk beschilderde rolluiken, is in de Markthal geen enkele moeite gedaan om de leegstand te verbergen. Dat gaat ook lastig omdat het allemaal kleine winkeltjes zijn op een overdekt binnenplein, maar ik zou als eigenaar (Klépierre) tenminste nog iets geprobeerd hebben. Bijvoorbeeld het neerzetten van tijdelijke pop-up stores, kunstgalerietjes en priklocaties. Dat werk.
Maar dat past niet in het oorspronkelijke concept. Bij de opening destijds in oktober 2014 was het de bedoeling dat luxe eetwinkeltjes hun waren daar gingen verkopen. Daar ging het al snel mis. Door de hoge huren wilden sommige winkels hun inkomsten verhogen en schoven tafeltjes en stoelen aan om hun klanten ter plekke te kunnen bedienen. Dat wilde eigenaar Klépierre niet. Al snel volgden meer conflicten. Niet alleen met huurders maar ook met de oorspronkelijke ontwikkelaar Provast.
Al die juridische schermutselingen in de afgelopen zeven jaar hebben de retail in de Markthal geen goed gedaan. Ik zie nog wel diverse Aziatische horecazaakjes waar een redelijke aanloop is. Met enkele uitbaters heb ik gesproken en ze vinden de leegstand uiteraard heel vervelend en dat de huur omlaag moet om de Markthal te redden. Sommige ondernemers vrezen voor nog meer leegstand – nu circa een derde – omdat komend halfjaar meerjarige contracten van enkele van hun ‘collega’s’ aflopen en die zaakjes komen niet terug. In het AD zegt eigenaar Klépierre er alles aan te doen om de Markthal te redden. Zo zijn er contracten getekend met nieuwe retail/horeca concepten. Ik hoop het.
Hoe dan ook, dit gaat verder dan alleen een ‘opstartprobleem’. Na zeven jaar moet het concept uitgekristalliseerd zijn. Met het concept van horeca en luxe foodzaakjes in een inpandig, hoogkwalitatief architectonisch plein, is op zich weinig mis. In andere landen werkt dit prima. Klépierre zal de huren fors moeten verlagen en kortlopende contracten aanbieden om nog toeloop van ondernemers te krijgen. Als internationale winkelbelegger kan Klépierre wel wat lijden om het oorspronkelijke verdienmodel met de Markthal los te laten. Er is geen tijd te verliezen want de Markthal verdient deze teloorgang niet.